Recensies en krantenberichten

Interview met Judith Wijzenbeek, (Rudolf Hunnik, Gooi- en Eemlander 21 febr 2019)

Interview met Judith Wijzenbeek, (Rudolf Hunnik, Gooi- en Eemlander 21 febr 2019)

Groot artikel in de Gooi- en Eemlander van 7 juni 2018. Geschreven door Rudolf Hunnik.

Groot artikel in de Gooi- en Eemlander van 7 juni 2018. Geschreven door Rudolf Hunnik.

De taal van Geevers,

Dirigent Joost Geevers is vol lof over ’zijn’ Goois Symfonie Orkest.
FOTO JOS KALDENHOVEN
Van onze verslaggever
Mu­ziek is een taal, vol­gens di­ri­gent Joost Gee­vers. Een klank­taal die je moet le­ren ken­nen om de mu­ziek te be­grij­pen. “Maar het is een van de meest toe­gan­ke­lij­ke ta­len die er be­staan.”

„De taal van de klas­sie­ke mu­ziek wil ver­won­de­ren, maar soms ook ver­ont­rus­ten”, ver­telt Gee­vers. “Jam­mer ge­noeg is er voor veel men­sen een drem­pel om naar klas­sie­ke mu­ziek te luis­te­ren. Voor­al van ei­gen­tijd­se mu­ziek den­ken men­sen vaak dat je er veel van­af moet we­ten om die te kun­nen waar­de­ren. Ik vind dat daar veel te moei­lijk over ge­daan wordt. Als je je open­stelt voor mu­ziek, en dat geldt ook voor ei­gen­tijd­se- en pop­mu­ziek, brengt echt goe­de mu­ziek op het eer­ste ge­hoor met­een iets te­weeg. Je moet er in eer­ste in­stan­tie niet te­veel over na­den­ken, vind ik. Als je je er ver­vol­gens ver­der in ver­diept, gaat het nog meer le­ven, wordt je er­va­ring met die mu­ziek nog rij­ker.”

Joost Gee­vers heeft dit voor­jaar Pe­dro López López op­ge­volgd als vas­te di­ri­gent van het Goois Sym­fo­nie Or­kest. Hij heeft veel er­va­ring met di­ri­ge­ren, meer dan je op grond van zijn jon­ge leef­tijd zou ver­wach­ten. Zo­als veel bla­zers – Gee­vers is ook trom­bo­nist – is hij be­gon­nen in de har­mo­nie- en fan­fa­re­we­reld. „Ik kom uit het zui­den van Ne­der­land waar veel klei­ne mu­ziek­ver­e­ni­gin­gen zijn. Daar ben ik op jon­ge leef­tijd be­gon­nen met di­ri­ge­ren. Op het Con­ser­va­to­ri­um or­ga­ni­seer­de ik van al­les op klas­siek ge­bied, ook nieu­we mu­ziek. Zo ben ik lang­zaam ge­groeid naar de we­reld van de sym­fo­ni­sche mu­ziek.”

Am­bi­ti­eus

Over het or­kest is Gee­vers vol lof. „Het Goois Sym­fo­nie Or­kest telt on­ge­veer 35 mu­si­ci, een mid­del­groot or­kest dus, met vol­le­di­ge be­zet­ting strij­kers en bla­zers. Het is een am­bi­ti­eus or­kest met een uit­ste­kend ni­veau. De le­den zijn al­le­maal ama­teurs, be­hal­ve con­cert­mees­ter Nico Bran­don, dat is een door­ge­win­ter­de vak­mu­si­cus die in de om­roep­or­kes­ten heeft ge­werkt. Er wordt hard ge­werkt, de mu­si­ci wil­len graag uit­ge­daagd wor­den. Bij de voor­be­rei­ding van het eer­ste con­cert dat ik leid­de, in juni, merk­te ik een voort­du­rend stij­gen­de lijn in het re­pe­ti­tie­pro­ces. We had­den on­der meer de ‘Haf­f­ner­sym­fo­nie’ van Mo­zart op het pro­gram­ma staan, be­paald niet ge­mak­ke­lijk. Maar al­les ging pri­ma.”

Heeft Gee­vers een an­de­re aan­pak dan zijn voor­gan­ger? „Ik ken Pe­dro López López goed, we za­ten sa­men in een di­ri­gen­ten­op­lei­ding. We heb­ben een ver­schil­lend ka­rak­ter, hij is als Span­jaard al­tijd heel be­vlo­gen. Ik ben meer van de pun­ten en de kom­ma’s. Ver­der ben ik van plan om meer ei­gen­tijd­se mu­ziek op de les­se­naar te zet­ten, maar zo­iets gaat na­tuur­lijk niet in één keer.”

„Ik vind het be­lang­rijk om een ze­ke­re or­kest­dis­ci­pli­ne te heb­ben, voor­al op ge­bied van sa­men­spel. Ik laat de mu­si­ci ook veel naar el­kaar luis­te­ren. Als het or­kest een hech­te groep is, wor­den de con­cer­ten echt me­mo­ra­be­le eve­ne­men­ten. Hoe­wel we op mo­der­ne in­stru­men­ten spe­len, kun je de acht­tien­de-eeuw­se stijl be­na­de­ren en bij­voor­beeld zo’n Mo­zart­sym­fo­nie mooi fris en hel­der la­ten klin­ken. Ik vind het be­lang­rijk om de mu­si­ci enigs­zins stijl­be­wust te ma­ken, maar het be­lang­rijk­ste is dat de mu­ziek op de bes­te ma­nier klinkt.”

Boek

Gee­vers heeft een boek ge­schre­ven over uit­voe­rings­prak­tijk van de klas­sie­ke mu­ziek, ’In ge­sprek met de oude mees­ters’. Een van zijn the­o­rieën is, dat es­the­ti­sche prin­ci­pes bo­ven de ken­nis van his­to­ri­sche bron­nen staat. „De mu­ziek die je uit­voert moet mooi zijn, dat is wat je wilt be­rei­ken. Di­a­loog speelt daar­bij een be­lang­rij­ke rol, zo­wel tus­sen de mu­si­ci on­der­ling als met de di­ri­gent en – bij een uit­voe­ring – met het pu­bliek. Het sa­men­spel re­sul­teert dan in mu­ziek uit een an­de­re tijd, die het pu­bliek van nu aan­spreekt.”

Josée Zui­ver